De Europese Commissie is officieel een âinbreukâ-procedure gestart tegen het Verenigd Koninkrijk over de nieuwe Britse Brexitwet die in strijd zou zijn met het eerder overeengekomen terugtrekkingsakkoord.
De Commissie heeft een aanmaningsbrief gestuurd naar de Britse regering wegens het niet nakomen van verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst. De regering van premier Boris Johnson heeft een maand de tijd om op de brief te reageren.
Op 9 september diende hij een wetsvoorstel in het parlement in dat volgens de commissie flagrant in strijd is met het eerdere protocol inzake douane en grenzen tussen Ierland en Noord-Ierland. Het Lagerhuis heeft dat âterugkrabbelenâ gisteravond geaccordeerd.
Officieel wordt er momenteel nog tussen de Britten en de EU onderhandelt over een handelsverdrag dat met ingang van komend jaar moet gaan gelden, als de Britten helemaal buiten de EU vallen. In dat geval gelden voor alle import en export de wereldwijde WTO-regels, inclusief forse douane-tarieven voor allerlei producten.
Dat zou schadelijk zijn voor zowel de Europese economie, als de Britse economie. Veel deskundigen zeggen dat het vooral het Britse bedrijfsleven in hun export zal treffen. Premier Boris Johnson heeft al gezegd dat hij die handelsbesprekingen uiterlijk tot half oktober wil laten duren, en dat hij het niet erg zou betreuren als het niets oplevert.
Als het Verenigd Koninkrijk helemaal niet reageert op de nu aangespannen EU-procedure, zou de volgende stap zijn dat de EU een âmet redenen omkleed adviesâ over de kwestie uitbrengt. In een reactie op de situatie zei Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie: âZoals u weet, hadden we onze Britse vrienden gevraagd hun plan uiterlijk eind september te schrappen.
Dit wetsvoorstel is â naar zijn aard â een schending van de verplichting van goede trouw. De deadline is gisteren verstreken. De problematische bepalingen zijn niet verwijderd. Daarom heeft Brussel besloten de Britse regering een aanmaningsbrief te sturen. Dit is de eerste stap in een inbreukprocedureâ, voegde president von der Leyen er aan toe.

