Volgens de Belgische autoriteiten zijn er aanwijzingen dat Huawei medewerkers van Europarlementariërs of andere invloedrijke posities binnen Europese instellingen heeft benaderd. Deze personen zouden in ruil voor gunstige informatie of politieke steun giften of andere diensten hebben ontvangen. Het zou gaan om een gestructureerde vorm van beïnvloeding die mogelijk al langer aan de gang is.
Een medewerker van een Italiaanse Europarlementariër is momenteel het onderwerp van een uitleveringsverzoek. De Belgische autoriteiten willen deze persoon ondervragen over mogelijke betalingen en contacten met vertegenwoordigers van Huawei. In totaal zouden er meerdere medewerkers van parlementsleden bij betrokken zijn, maar officiële aanklachten zijn vooralsnog niet bekendgemaakt.
Bij de huiszoekingen in Brussel werden kantoren en werkruimtes doorzocht die gelinkt zijn aan de Europese instellingen. Ook privéwoningen zouden zijn onderzocht. De Belgische federale politie en het parket werkten samen met andere Europese opsporingsdiensten. Opvallend is dat de Europese anti-fraudedienst OLAF ook bij het onderzoek betrokken is, wat de ernst van de zaak onderstreept.
De verdenkingen richten zich onder andere op Tomáš Zdechovský, een Tsjechisch lid van het Europees Parlement, en zijn voormalig assistent. Daarnaast zou ook een medewerker van de Italiaanse Europarlementariër Andrea Cozzolino worden onderzocht. Cozzolino is eerder in verband gebracht met het zogeheten Qatargate-schandaal, waarin buitenlandse invloed en omkoping centraal stonden.
Op dit moment wordt geprobeerd de exacte omvang van het netwerk in kaart te brengen. Het onderzoek concentreert zich op contacten tussen Huawei en mensen die toegang hadden tot interne informatie of besluitvorming binnen de EU-instellingen.
Veel EU-landen hebben de afgelopen jaren bewust besloten om Huawei-technologie niet toe te laten in hun gevoelige communicatie-infrastructuur. De vrees bestaat dat de Chinese overheid via Huawei toegang kan krijgen tot vertrouwelijke gegevens, zoals e-mails en documenten van overheidsdiensten. In landen als Duitsland, Frankrijk en Nederland zijn daarom beperkingen ingesteld.

