In mei bespreekt de handelscommissie van het Europarlement de nieuwe heffing, nadat eerder de EU-landen de weg er al vrij voor maakten. Mogelijk wordt in juni de knoop in de voltallige EP-vergadering doorgehakt.
Boerenorganisaties en sommige EU-lidstaten vrezen dat een plotselinge invoering van hoge heffingen leidt tot hogere kosten voor boeren, lagere opbrengsten en stijgende voedselprijzen. Volgens hen is het onverstandig om in onzekere tijden extra druk te leggen op de landbouwsector zonder alternatieven te bieden.
Volgens de EP-landbouwcommissie zijn de gevolgen van nieuwe heffingen voor de Europese boeren veel te groot. Door hogere productieprijzen dreigt hun concurrentiepositie te verslechteren, terwijl ze nu al onder druk staan door milieuregels en toenemende kosten. De landbouwcommissie vindt dat eerst onderzocht moet worden hoe afhankelijk de EU-landen zijn van de Russische kunstmest.
Ook de Europese landbouwkoepel Copa-Cogeca roept op tot uitstel. Deze organisatie van boeren en coöperaties stelt dat de EU moet voorkomen dat agrariërs financieel het slachtoffer worden van geopolitiek beleid. Als de tarieven toch doorgaan, eist Copa-Cogeca compensatie voor getroffen boeren om productieproblemen te voorkomen.
De Europese Unie heeft sinds het begin van de Russische oorlog tegen Oekraïne al veel sancties ingesteld tegen Russische grondstoffen, olie en staal. Voor kunstmest, net als voor een deel van de voedsel- en landbouwproducten, gelden deze sancties echter nog niet. De discussie over kunstmest raakt daarom aan bredere vragen over handelsbeleid en voedselzekerheid.
De EU produceert zelf onvoldoende kunstmest om geheel in de eigen behoefte te kunnen voorzien. Meer dan veertig procent van de gebruikte kunstmest in Europa komt uit Rusland en Belarus. Het aanbod uit andere landen is beperkt of duurder. Een plotselinge sterke verhoging van importtarieven zou daarom snel voelbaar zijn op de Europese agrarische levensmiddelenmarkt.
Sommige voorstanders vinden dat de EU minder afhankelijk moet worden van onbetrouwbare leveranciers. Door strategische autonomie na te streven, kan Europa zichzelf beschermen tegen geopolitieke druk. Maar volgens critici wordt voedselzekerheid daarmee onnodig op het spel gezet.
De Nederlandse Europarlementariër Bert-Jan Ruissen (SGP) verwacht dat de importtarieven geleidelijk omhoog zullen gaan. Hij noemt het 'belangrijk dat de rekening niet bij de boeren komt te liggen. Hij noemt het ook een reden te meer om het gebruik van agrarische mest zoals Renure te ondersteunen. Dat werkt circulariteit in de hand, is duurzamer en ook goedkoper voor de landbouwers, zo zegt Ruissen.
De Europese Commissie werkt ondertussen ook aan een nieuw handelsregime met Oekraïne, dat voor de oorlog veel kunstmest importeerde uit Rusland. Dat zorgt voor extra tijdsdruk en complexiteit in het debat. Ook het vrije handelsverkeer met Oekraïne staat daardoor onder druk, net als de concurrentiepositie van boeren in de Oost-Europese buurlanden.

