In een resolutie over de EU-begroting na 2027 pleit het Europees Parlement voor een flexibelere en ambitieuzere meerjarenbegroting. De toegenomen internationale instabiliteit en geopolitieke spanningen, waaronder het terugtrekken van de Verenigde Staten van het wereldtoneel, vragen volgens de Europarlementariërs om hogere uitgaven.
Het Parlement erkent dat er meer geld nodig is voor onder andere Defensie, de oorlog in Oekraïne, economische groei en het klimaat. Wel willen de Europarlementariërs dat deze extra uitgaven niet ten koste gaan van sociaal en milieubeleid of bestaande EU-prioriteiten. Of dat uiteindelijk vol te houden is, wordt door waarnemers betwijfeld.
Tegelijkertijd uit het Parlement forse kritiek op de voorgestelde financieringsstructuur van de Europese Commissie. Vooral het plan waarbij elk EU-land afzonderlijk een nationaal investeringsplan opstelt, (net zoals bij de Corona-herstelfondsen) stuit op bezwaren. Volgens de Europarlementariërs ontbreekt in dit model de noodzakelijke transparantie en parlementaire controle.
Ook met het door de Commissie voorgestelde Fonds voor Concurrentievermogen is het Parlement niet tevreden.
Daarnaast eisen de volksvertegenwoordigers dat toegang tot EU-middelen gekoppeld blijft aan naleving van fundamentele Europese waarden en rechtsstatelijkheid. Een nieuw stelsel van voorwaarden moet ervoor zorgen dat burgers in lidstaten niet gestraft worden voor beleid van hun regeringen.
Ook over de financiering van het coronaherstelfonds bestaan zorgen. De terugbetaling van deze schulden mag volgens het Parlement niet ten koste gaan van andere EU-programma’s. Daarom dringt het aan op nieuwe inkomstenbronnen voor de EU en sluit gezamenlijke leningen voor grensoverschrijdende uitdagingen niet uit.
Ook de EU-landen gaan over de vorgestelde meerjarenraming een standpunt innemen. Daarna volgen de zogeheten triloog-onderhandelingen waarbij de EU-landen, Brussel en het Europarlement tot een gezamenlijk standpunt moeten komen.

