De Landbouwcommissie van het Europees Parlement zal donderdag met vice-voorzitter van de Commissie, Frans Timmermans, bespreken hoe de Europese landbouw ná de corona-pandemie duurzamer kan worden. Het is de eerste gelegenheid van de Landbouwcommissie om Timmermans te bevragen over zijn nog-niet-gepubliceerde plannen.
Het video-debat-van-afstand met Timmermans zal zich waarschijnlijk vooral richten op de toekomstige financiële ondersteuning van de agrarische sectoren. Sommige Europarlementariërs pleiten ervoor om de agrarische sector op te nemen in het corona-megaherstelfonds; anderen vinden het ‘veiliger’ om vast te houden aan de huidige budgetten voor het huidige GLB-beleid.
Maar over dat megaherstelfonds zijn de EU-commissarissen, de ministers en de regeringsleiders het nog lang niet eens. Timmermans heeft eerder een nieuw Milieu- en Klimaatbeleid aangekondigd (‘Green Deal’) waardoor ook de agrarische sector te maken zal krijgen met nieuwe eisen om duurzamer en milieuvriendelijker te gaan produceren.
Maar de Europese Commissie moet dezer dagen ‘in de na-corona-periode’ álle eerdere plannen herzien (lees: inkrimpen) om honderden miljarden vrij te maken voor economisch herstel en steun aan bedrijven. Daardoor zal Timmermans niet alleen zijn van-boer-tot-bord (F2F) moeten uitstellen of aanpassen, maar ontstaat ook de situatie dat er de komende jaren Klimaat- en Milieuvoorwaarden kunnen worden verbonden aan Europese (corona-)herstelsubsidies. Daarmee kunnen de voorwaarden uit de Green Deal een onderdeel worden van een Europese corona-reddingsboei voor veel bedrijfstakken en sectoren in veel EU-landen
Eerder deze week hebben landbouworganisaties uit de drie Oostzeelanden Estland, Letland en Litouwen de Europese Commissie opgeroepen het nieuwe gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) te koppelen aan het nieuwe corona-megaherstelfonds. De Baltische boeren pleiten ervoor de nieuwe meerjarenbegroting (2021-2027) te gebruiken voor een krachtig en eerlijk herstel van de EU-economiën na de corona-pandemie, aldus de Letse boerenorganisatie Farmers ‘Assembly.
De Baltische boeren vinden dat de herstelmaatregelen bovendien eindelijk een einde moeten maken aan de al lang bestaande ongelijkheid tussen EU-boeren. Ze wijzen erop dat sinds de drie Oostzeelanden in 2004 tot de EU zijn toegetreden, zij de laagste rechtstreekse betalingen krijgen, ongeveer de helft van de gemiddelde betalingen aan andere EU-boeren. Deze betalingen waren volgens de briefschrijvers gebaseerd op onjuiste berekeningen van de productiviteit van de Baltische boeren voordat zij bij de EU kwamen.

