Elk mogelijk EU-verbod of vermindering van het gebruik van glyfosaat in de landbouw moet vooraf worden gegaan door een effectbeoordeling. Daarin moeten niet alleen de ecologische gevolgen worden beoordeeld, maar ook de inkomensgevolgen voor de boeren. Dat was de strekking van het pleidooi van veel Europarlementariërs tijdens een recent door EURACTIV georganiseerd debat.
“Er is echt behoefte aan een effectbeoordeling voor elk wetgevingsvoorstel”, zei de Duitse christendemocraat Norbert Lins, de voorzitter van de Landbouwcommissie van het Europarlement. Bij de her-autorisatie van glyfosaat moet ook bekeken worden wat de gevolgen zullen zijn voor voedselbeschikbaarheid, biodiversiteit en het inkomen van boeren, zei directeur Bernhard Url van toetsingscommissie EFSA in een vraaggesprek met Euractiv.com
Glyfosaat is een van de meest gebruikte werkzame stoffen in de Europese landbouw. Het is momenteel goedgekeurd in de EU, maar deze goedkeuring verloopt op 15 december 2022. Er is een toenemend aantal Europarlementariërs die – in navolging van het eerdere verbod op RoundUp – pleiten voor striktere gebruiksregels.
Volgens de nieuwe regels moet bij toelating of verlenging van een bestrijdingsmiddel alle informatie van de aanvrager openbaar worden gemaakt. Dit volgde op een uitspraak van de EU-rechtbank in maart 2019 dat de toetsingscommissie EFSA toegang moest verlenen tot alle veiligheidsstudies over glyfosaat.
Het re-autorisatieproces van glyfosaat zal daarom door velen in Brussel en in de bedrijfstak angstvallig in de gaten worden gehouden. Zowel de beslissing over glyfosaat als over de richting die het Europese pesticidenbeleid zal inslaan, hangt grotendeels af van de vraag of het Europese toetsingsproces transparant genoeg zal zijn.
Daarnaast is in de Green Deal nieuw beleid voor voedselveiligheid, biodiversiteit, plattelandsontwikkeling en GLB-landbouwbeleid aangekondigd. In die filosofie wordt binnen tien jaar halvering van het gebruik van chemische middelen in de land- en tuinbouw aangekondigd. Daardoor is al wel duidelijk dat een glysofaat-debat zich niet alleen zal afspelen binnen de parlementscommissie voor Landbouw (AGRI), maar ook in die voor Milieu (ENVI) en Voerdselveiligheid (EFSA), Regionale ontwikkeling (REGI) en Financiën (BUDG).
Het idee van een effectbeoordeling-vooraf wordt niet van alle kanten gunstig onthaald, vooral niet door milieuactivisten die zich verzetten tegen hernieuwde autorisatie van glyfosaat. Hans Muilerman, de chemicaliën-coördinator bij het Pesticide Action Network EU, zei: “Het uitstellen en nader-onderzoeken is de beproefde vertragingstactiek en het traditionele antwoord van degenen die ergens bezwaar tegen hebben”, zei hij.
Géraldine Kutas, directeur-generaal van de European Crop Protection Association (ECPA), bood steun aan voor een beoordeling en zei dat effectbeoordelingen belangrijk zijn om te weten wat de gevolgen zijn van een glysofaatverbod zijn op de voedselproductie, de oogst-opbrengsten en het inkomen van boeren.
In de Europese Unie heeft glyfosaat in ieder geval nog een toelating tot 1 januari 2023. Desondanks wordt het gebruik in verschillende landen nu al (gefaseerd) aan banden gelegd. De Nederlandse Landbouwminister Carola Schouten heeft onlangs in een Kamerbrief laten weten niets te zien in een dergelijk verbod in Nederland. Zij reageert daarmee op Kamervragen van Tjeerd de Groot (D66). Volgens Schouten, die het advies van het Nederlandse toetsingscommissie Ctgb volgt, zijn er op dit moment geen nieuwe wetenschappelijke inzichten die aanleiding geven voor een verbod op glyfosaathoudende middelen.

