Dit weekeinde zijn in het Europees Parlement in Straatsburg opnieuw enkele honderden EU-burgers uit de 27 EU-landen met elkaar in debat gegaan over âde toekomst van Europaâ. Onder hen waren â net als bij de twee eerdere EU-burgerpanels â een tiental Nederlanders. Ditmaal werd er vooral gesproken over klimaatverandering, milieu en gezondheid.
Het panel âKlimaatverandering, milieu/gezondheidâ hield zich bezig met de gevolgen van klimaatverandering, milieukwesties en nieuwe gezondheidsproblemen. Die onderwerpen hebben ook te maken met landbouw, vervoer en mobiliteit, energie en de overgang naar koolstofarme samenlevingen.
âAls we in 2050 een schĂłner Europa aan onze (klein-)kinderen willen nalaten, moeten we vandĂĄĂĄg beginnen met ons eigen gedrag te veranderen. Daar zou de EU best ook zelf het goede voorbeeld kunnen gevenâ, zo merkte de Nederlandse Marieke Lopers (woonachtig in Smilde) op in een toespraak tot de plenaire vergadering.
Als veranderingsmanager in de chemische industrie hield ze haar gastheren voor dat vegetariërs in het bedrijfsrestaurant van het Europees Parlement niet zouden moeten vrågen om een aangepast menu, maar zou op de menukaart vegan standaard moeten zijn, en zouden vleeseters om hun vlees moeten vragen.
En conferentiegangers zouden niet standaard per bus van hun hotel naar het parlement gereden moeten worden. Ze merkte op dat de meeste deelnemers best een kwartiertje kunnen wandelen. En desnoods om busvervoer moeten kunnen vragen.
Ook wees Lopers, moeder van twee schoolgaande kinderen, op het belang van onderwijs. âHet gaat er om wat standaard is, en wat de uitzondering. Gedragsverandering begint bij jezelf. Daar kunnen we op scholen al mee beginnen. Kijk hoe in het onderwijs in Noorwegen of Polen het héél gewoon is om kinderen een dag per week op het platteland kennis te laten maken met groeien en bloeien, van mens en dierâ.
De EU zou volgens haar best kunnen ophouden met de miljoenen-kostende reclamecampagnes om het eten van vlees te promoten. En ook in handelsverdragen en in de Landbouw zou de Europese Unie best wat dwingender kunnen handelen.
âWaarom importeren we miljoenen kiloâs soja als veevoer vanaf de andere kant van de wereld, voeden en mesten we op een paar hectare Nederlandse grondgebied er dieren mee, die vervolgens weer als vee of vlees naar de andere kant van de wereld worden geĂ«xporteerd? Wat denk je dat dat kost aan brandstof, energie en milieuvervuiling?â
Volgens Lopers wordt in discussies over Europese kwesties nog veel te vaak als eerste naar het geld, naar de financiĂ«le kĂłsten gekeken. Volgens haar zou eerst gekeken moeten worden hoe vervĂșilend of verspĂllend iets is. Aan te veel milieuvervuilend gedrag hangt nog steeds geen prijskaartje.
âEn dat geldt ook voor al die financiĂ«le steun aan zwakke EU-landen: we moeten die landen niet steunen met geld, maar met onze kennis en met onze expertise. Daar zou Nederland nog van kunnen profiteren ook. Subsidie zou pas een derde of vierde optie moeten zijn, zo merkte ze op.
Lopers trok daarbij een vergelijking met de veelgehoorde redenering over ontwikkelingshulp: je moet armen geen eten geven, maar een hengel, en hen leren vissenâŠ.
De Conferentie over de toekomst van Europa is dit voorjaar van start gegaan en loopt tot en met het voorjaar van 2022. De organisatie van de inspraakprocedure is in handen van de Conferentie over de Toekomst van Europa, waarin politici zitten namens EP, EC en EU-landen. Daarnaast hebben verscheidene EU-landen, waaronder Nederland, een âeigenâ EU-toekomstvisie voorbereid.
Met de burgerdialoog Kijk op Europa kunnen alle inwoners van Nederland hun ideeën delen over de toekomst van Europa. Kijk op Europa is een initiatief van het ministerie van Buitenlandse zaken en maakt onderdeel uit van de Europese Conferentie over de toekomst van Europa. Ideeën van inwoners uit de hele Europese Unie (EU) worden daarbij gebruikt om toekomstplannen te maken voor Europa.

