De Europese Commissie voert de druk op nadat jarenlang blijkt dat sommige landen hun uitstoot van schadelijke stoffen niet terugdringen. Voor verscheidene EU-landen gaat het niet om kleine afwijkingen, maar om jarenlange overschrijdingen van wettelijke normen voor luchtkwaliteit en emissies.
Onder meer Bulgarije, Litouwen, Portugal en Zweden blijven achter bij hun verplichtingen om vervuilende stoffen terug te dringen. Ook Polen worstelt al meer dan tien jaar met te hoge stikstofdioxide-waarden in twee gebieden, ondanks duidelijke Europese limieten.
Volgens de Commissie hebben nationale overheden onvoldoende maatregelen genomen om de uitstoot snel genoeg terug te brengen. Het blijft niet langer bij waarschuwingen: Brussel verwijst de betrokken landen nu naar het EU-Hof, de zwaarste stap in een langlopend proces van inbreukprocedures.
De vervuiling speelt niet alleen op papier — in meerdere regio’s zijn er al jarenlang concentraties schadelijke stoffen in de lucht die gevolgen kunnen hebben voor de gezondheid van het publiek. Die risico’s verdwijnen niet vanzelf, en volgens de Commissie hebben landen hun verantwoordelijkheid te lang vooruitgeschoven.
De regels waar het om draait zijn niet nieuw. Europese wetgeving verplicht de EU-landen al lange tijd om de uitstoot van schadelijke stoffen te verlagen en te voldoen aan minimale criteria voor luchtkwaliteit. Daarbij hoort ook dat landen deze regels tijdig omzetten in nationale wetgeving — iets wat niet overal is gebeurd.
Met de gang naar het Hof maakt de Commissie duidelijk dat uitstel niet langer wordt geaccepteerd. De verwachting is dat de juridische druk de EU-landen uiteindelijk moet dwingen hun beleid te versterken, zodat de uitstoot daalt en de luchtkwaliteit verbetert.

