De Europese Commissie wil het gebruik van glyfosaat in de landbouw met nog eens vijftien jaar toestaan. Dat is vorige week uitgelekt na informeel overleg van de Europese landbouwministers in Spanje.
De huidige vergunning loopt eind dit jaar af. Eerder is gebleken dat meerdere EU-landen het gebruik het liefst zouden willen verbieden.Recente onderzoeken door verschillende EU-instanties, zoals Echa en Efsa, hebben niet aangetoond dat glyfosaat grote risico’s voor de gezondheid vormt, zoals sommige deskundigen en milieuorganisaties zeggen. Glyfosaat, een actief ingrediënt in veel herbiciden, is van cruciaal belang voor de landbouw om onkruid te bestrijden. Landbouworganisaties hebben aangedrongen op de voortzetting van het gebruik vanwege de gunstige effecten op de productiviteit. Ze beweren dat er geen overtuigend wetenschappelijk bewijs is dat glyfosaat schadelijk is bij correct gebruik.
Glyfosaat wordt onder meer in verband gebracht met de afname van bijenpopulaties, wat ernstige gevolgen kan hebben voor de biodiversiteit en de landbouwproductie. Bovendien zijn er zorgen over mogelijke langetermijneffecten op de gezondheid van mensen, zoals kankerverwekkende eigenschappen.De toelating van glyfosaat is in 2017 voor het laatst met vijf jaar verlengd. De Europese Commissie bepaalt op basis van het recente onderzoek en van een rapport van een groep van vier EU-landen (Nederland, Frankrijk, Hongarije en Zweden) of ze de goedkeuring van glyfosaat wil verlengen.
Duitsland was verklaard tegenstander van hernieuwde toelating maar daarover wordt nu in Berlijn gesteggeld. Als Duitsland zijn glyfosaatverbod heroverweegt, kan dit het debat binnen de EU nog verder compliceren. Ook de Franse president Macron was enkele jaren geleden tegenstander van hernieuwde toelating, maar die heeft daarover de laatste tijd niets meer gezegd.
In Nederland heeft de Partij voor de Dieren zich uitgesproken tegen haastige her-goedkeuring van glyfosaat door de Europese Commissie. Die partij pleit voor een volledig verbod. De Tweede Kamer nam in 2018 een motie aan om het gebruik te bepérken, maar de afgelopen jaren hebben de opeenvolgende landbouwministers Carola Schouten, Henk Staghouwer en Piet Adema dat standpunt in de EU niet ingenomen.
