De Commissie stelt voor dat Europese bedrijven geen diensten meer mogen leveren aan de gaspijpleidingen Nord Stream 1 en 2. Dit heeft als doel te voorkomen dat Rusland die infrastructuur op termijn heractiveert of gebruikt voor sabotage. Het verbod geldt voor technische, financiële en logistieke steun aan beide pijpleidingen.
Naast energie richt het pakket zich ook op de Russische bankensector. Nog eens vier Russische banken komen op de sanctielijst te staan. Deze banken zouden transacties faciliteren die de Russische oorlogsindustrie ondersteunen. Hun tegoeden in de EU worden bevroren, en samenwerking met Europese bedrijven wordt verboden.
Ook de zogenoemde ‘schaduwvloot van olietankers die Russische olie probeert te exporteren, wordt aangepakt. De EU-lidstaten moeten meer inspecties uitvoeren en zulke schepen de toegang tot havens weigeren. De Commissie wil bovendien juridische stappen kunnen zetten tegen Europese bedrijven die deze oliesmokkel faciliteren.
Het achttiende pakket bevat verder handelsbeperkingen op technologie en goederen die militair kunnen worden ingezet. Het gaat om onder meer halfgeleiders en optische componenten. Deze onderdelen worden nu via derde landen naar Rusland uitgevoerd en zouden alsnog het Russische leger kunnen bereiken.
Er is ook aandacht voor de rol van bedrijven in ‘derde landen’. Brussel wil sancties invoeren tegen bedrijven buiten de EU die producten aan Rusland blijven leveren, ondanks bestaande maatregelen. Hiermee probeert Brussel de sanctie-ontwijking via onder meer China, Turkije en de Verenigde Arabische Emiraten aan te pakken.
Volgens bronnen in Brussel is er echter nog geen volledige overeenstemming. Enkele EU-landen vrezen economische schade of diplomatieke spanningen. Toch benadrukt Commissievoorzitter Von der Leyen dat het tijd is om “sanctievermoeidheid” tegen te gaan en vast te houden aan Europese eensgezindheid.

