EU-landen te soepel met ontheffing op gebruiksverbod gewasbeschermers

Het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU) heeft in een nieuw arrest bepaald dat  EU-landen op een onjuiste manier noodvergunningen toekennen voor het gebruik van neonicotinoiden in de landbouw. Een paar jaar geleden werden uitzonderingen op het gebruiksverbod toegestaan ​​op suikerbieten om de geelzucht tegen te gaan. 

Milieuorganisaties klaagden dat te veel landen te vaak het verbod ontdoken. Zij hadden met een Belgische imker processen aangespannen tegen een Belgische ‘uitzondering’. Volgens hen zijn vrijstellingen meerdere jaren op rij oneigenlijk en zonder voldoende rechtvaardiging verleend. 

In reacties in verscheidene Europese landen wordt er op gewezen dat de uitspraak specifiek over de situatie in België gaat, en niet over andere landen. Wel hebben de EU-rechters gezegd dat de Europese Commissie nu met een nieuw besluit moet komen.

Uit verschillende studies komt naar voren dat het uitsterven van bijensoorten vrijwel zeker een gevolg is van het gebruik van grote hoeveelheden neonicotinoïden als gewasbeschermers in de landbouw.

De sinds 2018 verboden preventieve behandeling van zaden kan volgens de EU-rechters inderdaad bij uitzondering niet langer worden toegepast. Tot nu toe hebben elf EU-landen dergelijke “noodvergunningen” aangenomen. Frankrijk kondigde begin januari aan deze derogatie opnieuw te willen verlengen, na deze al twee opeenvolgende jaren te hebben toegepast.

Sinds 1991 regelt Europese wetgeving het op de markt brengen en het gebruik van pesticiden, evenals de toegestane hoeveelheid residuen in voedingsmiddelen. Als onderdeel van de nieuwe Green Deal en van-boer-tot-bord wil de Europese Commissie het gebruik van pesticiden tegen 2030 met de helft te verminderen.