Hoewel beide bedrijven spreken van een fusie, blijkt uit de details dat Arla de feitelijke controle zal krijgen. De centrale leiding komt in Denemarken te liggen en Arla krijgt het grootste deel van de bestuurszetels. DMK verliest daarmee veel van zijn autonomie, wat door sommige Duitse boeren als een overname wordt gezien.
Op Europees niveau stijgt Arla door de overname naar de tweede plaats onder zuivelproducenten, na het Franse Lactalis. Daarmee haalt het FrieslandCampina in. De schaalvergroting past binnen een bredere trend van consolidatie in de Europese voedingssector.
Door de samenvoeging ontstaat een zuivelreus met een gezamenlijke jaaromzet van 19 miljard euro. Dit maakt het nieuwe bedrijf veruit het grootste op de Duitse markt. Kleinere Duitse zuivelbedrijven en coöperaties vrezen dat ze straks nog moeilijker kunnen concurreren tegen deze schaalvergroting.
Voor consumenten zou de overname kunnen leiden tot veranderingen in het aanbod in supermarkten. Door de machtspositie van het nieuwe concern kunnen prijsonderhandelingen met supermarkten veranderen. Toezichthouders in Duitsland en de EU onderzoeken daarom mogelijke gevolgen voor eerlijke concurrentie.
Arla is van oorsprong een Deens-Zweeds bedrijf en actief in meer dan 140 landen. Het bedrijf is vooral sterk vertegenwoordigd in Noord-Europa, het Verenigd Koninkrijk en het Midden-Oosten. DMK, de grootste zuivelcoöperatie van Duitsland, levert voornamelijk in Duitsland zelf.
In Duitsland heeft de fusie geleid tot bezorgdheid bij boerenorganisaties en regionale politici. Zij waarschuwen voor het verlies van regionale verankering van DMK en vrezen dat beslissingen voortaan buiten Duitsland genomen worden. Bij de fusie-overwegingen wordt ook gewezen op mogelijke druk op melkprijzen voor boeren.
Critici waarschuwen dat de toenemende machtsconcentratie ten koste kan gaan van diversiteit en regionale producten. Ook kan de onderhandelingspositie van zuivelboeren in verschillende EU-landen verder verzwakken. Toch benadrukken Arla en DMK dat schaalvoordelen nodig zijn om internationaal concurrerend te blijven.
Het nieuwe concern krijgt een aanzienlijk aandeel in zowel de productie als verwerking van melk in Europa. Met fabrieken verspreid over Noord- en Midden-Europa en een sterk distributienetwerk, wordt het een bepalende speler in de prijszetting, duurzaamheid en innovatie binnen de sector. Er wordt ook gewezen op mogelijke druk op melkprijzen voor boeren.

