De Europese Ombudsman vindt dat de Europese Commissie het handelsakkoord met de vier Zuid-Amerikaanse Mercosur-landen beter op milieuaspecten had moeten doorlichten. EU-ombudsman Emily O’Reilly spreekt van “slecht bestuur” dat voortaan vermeden moet worden.
De ombudsman behandelde een klacht van vijf milieuorganisaties. Zij verwijten de Commissie dat de handelsbesprekingen met Brazilië, Argentinië, Uruguay en Paraguay in juni 2019 werden afgerond zonder actueel onderzoek naar de mogelijke ecologische en sociale gevolgen.
Niet alleen milieuorganisaties maar ook Europese landbouwkoepels verwijten de EU dat allerlei milieucriteria worden opgelegd aan de voedselproductie in de eigen EU-landen, maar niet aan geïmporteerd voedsel uit die Mercosurlanden. Daardoor doet de EU onvoldoende tegen de nog steeds voortgaande kap van het Brazilaanse regenwoud.
Een handelsakkoord afsluiten zonder dat eerst de mogelijke gevolgen volledig zijn onderzocht, dreigt de Europese waarden en het publieke debat over de verdiensten van het akkoord te ondermijnen, zegt O’Reilly. Ze stelt bovendien vast dat de EU zich blootstelt aan “de kritiek dat het niet alle bekommernissen ernstig neemt”.
Het lot van het handelsakkoord is inmiddels onzeker. Ook verscheidene EU-regeringen hebben al protest aangetekend. Om het akkoord overeind te houden, probeert de Commissie momenteel bijkomende engagementen van Brazilië te bekomen.

