Landbouwministers: meer EU-geld naar investeringen op platteland

De ministers van Landbouw van de EU-landen hebben opgeroepen tot een sterkere dialoog tussen stad en platteland. Tijdens een informele bijeenkomst zei de Sloveense voorzitter Jože Podgoršek dat botsingen tussen stedelijke gebieden en het platteland moeten worden voorkomen met behulp technologie en door verbetering van wegen en verbindingen.

Volgens Podgorsek was bijna de unanieme mening dat “een veelzijdige benadering van de plattelandsontwikkeling nodig is, waarbij niet alleen gebruik wordt gemaakt van de EU-landbouwsubsidies maar ook van het nieuwe corona-herstelfonds en van de al bestaande EU-fondsen.

In veel EU-landen worden de extra coronafonds-miljarden uit de tweede pijler van de landbouwsubsidies vooral gebruikt voor de aanleg van nieuwe wegen en spoorlijnen, achterstallig onderhoud, de aanleg van internet-netwerken en dorpsvernieuwing.
De ministers gebruikten hun brainstormsessie in Slovenië vooral voor het uitwisselen van goeie ideeën.

Jonge boeren vormen een “sleutelrol om de potentie van plattelandsgebieden te ontsluiten”, aldus de CEJA, de Europese vereniging van jonge boeren. In een toespraak tot de landbouwministers sprak CEJA-voorzitter Diana Lenzi ook over het versterken van de dialoog tussen stedelijke en plattelandsgebieden.

De langetermijnvisie van de EU biedt voldoende mogelijkheden om ‘de ernstige uitdagingen waarmee plattelands-gemeenschappen worden geconfronteerd, aan te pakken’, aldus de vereniging.

De Spaanse minister Luis Planas zei dat de discussie niet hoeft te gaan over ‘extra’ geld voor het platteland omdat de EU al voldoende middelen heeft die hierop kunnen worden ingezet – zoals de al bestaande herstel- of structuurfondsen.

Planas benadrukte dat plattelandsgebieden in Spanje zo’n 85% van het grondgebied beslaan waar ongeveer 20% van de burgers woont. Ook Polen is zo uitgestrekt, maar daar woont meer dan veertig procent van de bevolking in kleine plattelandsdorpen.

De obstakels en uitdagingen waarmee plattelandsgebieden worden geconfronteerd “zijn niet alleen Spaans, ze zijn Europees”, zei de Spaanse minister. Wat volgens hem nodig is, zijn specifieke programma’s die, naast het GLB, aangeven wat we kunnen doen op het gebied van infrastructuur en vervoer, onderwijs, en dienstverlening zoals het openhouden van bankfilialen in kleine dorpen.

De tweede dag van de bijeenkomst werd bijgewoond door de Europese commissaris voor Landbouw Janusz Wojciechowski.