Een eerste stap kan zijn dat toetredende landen tijdelijk een beperkt vetorecht krijgen. Nederland heeft onlangs samen met Frankrijk, Duitsland, België en Luxemburg voorgesteld dat nieuwkomers voorlopig niet kunnen meestemmen of een veto kunnen uitspreken over buitenland- en veiligheidsbeleid, de EU-begroting en verdere uitbreiding.
Drukmiddel
Daarmee moet worden voorkomen dat veto’s om binnenlandse politieke kwesties als drukmiddel worden gebruikt, zoals eerder Polen en Hongarije deden.
EU-commissaris voor Uitbreiding Marta Kos presenteert in september voorstellen om de Unie bestuurbaar te houden wanneer nieuwe landen toetreden. De ministers van Buitenlandse Zaken van de EU-landen bespreken de uitbreiding en nieuwe toelatingsregels op 15 oktober, en de bedoeling is dat de staatshoofden en regeringsleiders op een speciale najaarstop in december een knoop doorhakken.
Promotion
Nederland wil eveneens voorkomen dat uitbreiding de besluitvorming moeilijker maakt. Minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen (CDA) pleit daarom voor aanpassing of afschaffing van het veto-systeem en voor het gaan werken met gekwalificeerde meerderheden. Volgens hem maakt de Russische agressie-oorlog in westelijke richting duidelijk dat Oekraïne en Moldavië onderdeel moeten worden van de EU, en dat andere kandidaat-landen (zoals Montenegro) na jarenlange voorbereidingen voldoen aan vrijwel alle toelatingscriteria.
Twee snelheden
Zowel Kos als Berendsen vinden dat in de EU ook gewerkt moet kunnen worden met ‘deel-pakketten’ waarbij niet alle landen hoeven mee te doen aan alle taken. Critici vrezen dat daardoor ‘EU-besluitvorming met twee snelheden’ kan ontstaan. Berendsen maakte wel duidelijk dat wat Nederland betreft dit wel consequenties moet hebben voor de Europese meerjarenbegroting (MFK).
Tegelijkertijd wordt gedacht aan een gefaseerde vorm van toetreding. Kandidaat-landen zouden stap voor stap dichter bij de EU kunnen komen, in plaats van op één moment volledig lid te worden met onmiddellijk alle rechten. Daarbij valt te denken aan het nu nog niet opnemen van de Oekraïense landbouw in het Europese gemeenschappelijke landbouwbeleid.
Strengere EU-regels moeten ook voorkomen dat nieuwe leden na hun toetreding Europese democratische en rechtsstatelijke normen loslaten. Nederland vindt dat EU-subsidie desnoods kan worden opgeschort als nieuwkomers zich niet aan de afspraken houden.
Veiligheidskwestie
De Russische oorlog tegen Oekraïne heeft de uitbreiding tegelijkertijd nadrukkelijk tot een veiligheidskwestie gemaakt. Berendsen stelt dat Oekraïnes toekomstige EU-lidmaatschap van groot belang is voor de Europese veiligheid. De Nederlandse regering ziet de toekomst van Oekraïne in de Europese Unie, maar Kiev moet daarvoor nog een omvangrijk hervormingsprogramma uitvoeren, vooral rond rechtsstaat en corruptiebestrijding.
Uitbreiding en hervorming van de EU worden daardoor steeds meer als één proces behandeld. Berendsen zei na afloop in een gesprek met Nederlandse verslaggevers dat het niet langer de kwestie is of sommige landen gereed zijn voor de EU, maar of de EU daar gereed voor is. Ook zei hij dat sommige hervormingen en nieuwe werkwijzen ‘eigenlijk al voor de Brexit’ ingevoerd hadden moeten worden.

