De Europese Commissie heeft met bezorgdheid kennis genomen van de aankondiging van China om voorlopige invoerrechten te heffen op zuivelproducten uit de Europese Unie. Volgens de Commissie zijn de beschuldigingen waarop het Chinese onderzoek is gebaseerd twijfelachtig en ontbreekt voldoende bewijs.
De zuivelmaatregel is voorlopig van aard en kan later definitief worden gemaakt. De heffingen lopen op tot hoge percentages. China stelt dat de heffingen nodig zijn om de binnenlandse markt te beschermen.
Naast zuivel heeft China ook maatregelen genomen tegen rundvleesimporten. Voor rundvlees geldt een systeem met jaarlijkse quota per land. Zodra die volumes worden overschreden, wordt een extra invoerheffing van 55 procent toegepast.
De rundvleesmaatregel heeft een looptijd van drie jaar en geldt tot eind 2028. China baseert deze stap op een onderzoek van het ministerie van Handel naar de impact van importen op de binnenlandse rundvleessector. In de rundvleesdossiers komen steeds dezelfde exportlanden terug, waaronder Brazilië, Australië en de Verenigde Staten.
China heeft daarnaast al eerder invoerheffingen ingesteld op varkensvlees uit de Europese Unie. Deze sanctie maakt deel uit van een reeks handelsmaatregelen tegen EU-landbouwproducten. Net als bij zuivel en rundvlees stelt China dat de maatregelen voortkomen uit onderzoeken naar marktverstoring.
De Europese Unie ziet de verschillende heffingen – op zuivel, rundvlees en varkensvlees – als samenhangend en problematisch. Volgens de Commissie raken ze meerdere sectoren tegelijk en vergroten ze de druk op Europese landbouwers die afhankelijk zijn van export.

