Bulgarije, Roemenië, Polen, Slowakije en Hongarije vrezen dat de Oekraïense landbouwexport naar internationale markten opnieuw voornamelijk via hun grondgebied moet gaan verlopen. Ze vrezen dat deze situatie zal leiden tot een overschot aan landbouwproducten op hun markten, wat de concurrentie kan verstoren.
Het (tijdelijke) invoerverbod voor Oekraïens graan heeft niet alleen gevolgen voor de directe handel tussen Oekraïne en de Europese markten, maar ook voor verder gelegen afzetmarkten. Om de situatie te verlichten en de afhankelijkheid van de Zwarte Zee-route te verminderen, wordt er momenteel gewerkt aan het toegankelijker maken van de Donau-vaarroute naar de Roemeense Zwarte Zeehaven Constanta. Deze haven kan een alternatieve route bieden voor de Oekraïense graanexport.
Het project om de Donau-vaarroute te verbeteren is een samenwerking tussen Roemenië en andere Europese partners. Het doel is om de vaarweg te verdiepen en te verbreden om grotere schepen met meer lading te kunnen ontvangen. Hierdoor kan de capaciteit van de haven aanzienlijk worden vergroot en kunnen meer landbouwproducten efficiënt worden getransporteerd. De Europese Commissie heeft haar steun toegezegd aan dit initiatief en heeft middelen vrijgemaakt om de verbeteringen te financieren en te versnellen.

