Het aftreden van Lecornu kwam minder dan een maand na zijn aantreden. President Emmanuel Macron aanvaardde het ontslag onmiddellijk, waarmee Frankrijk opnieuw zonder stabiele regering zit. De premier verklaarde dat “de voorwaarden om zijn functie uit te oefenen niet langer aanwezig waren”, verwijzend naar toenemende verdeeldheid binnen zijn centrum-rechtse coalitie.
De crisis bereikte zondagavond een hoogtepunt toen de zojuist benoemde Bruno Retailleau, leider van Les Républicains, het nieuw-samengesteklde kabinet publiekelijk aanviel. Hij zei dat de samenstelling van de regering “niet de beloofde breuk met de oude politiek weerspiegelde” en riep zijn partijtop bijeen. Daarmee verloor Lecornu de steun van een sleutelpartner in zijn centrumrechtse coalitie.
De breuk met Retailleau was weliswaar de directe aanleiding voor het aftreden, maar de spanningen binnen het Franse politieke landschap gaan dieper. Sinds de parlementsverkiezingen van vorig jaar beschikken de centrum-rechtse partijen niet langer over een meerderheid. Eerdere kabinetten van François Bayrou en Michel Barnier sneuvelden eveneens binnen enkele maanden over de begroting.
Lecornu had geprobeerd afstand te nemen van de omstreden praktijk om wetten via artikel 49.3 zonder stemming door het parlement te loodsen. Hij beloofde meer samenwerking met alle fracties, maar die opzet mislukte. Binnen enkele weken na zijn aantreden liep de toon tussen bondgenoten en oppositie weer hoog op.
Volgens meerdere verklaringen beschuldigde Lecornu andere partijen van politieke manoeuvres met de verkiezingen van 2027 in het vooruitzicht. Zijn oproep om “het land boven de partij te stellen” kreeg weinig weerklank. Ook binnen de Renaissance-partij van Macron groeide de onvrede over het gebrek aan overleg en de koers van de nieuwe premier..
De kritiek kwam niet alleen van binnenuit. Jordan Bardella van (de rechtse) Rassemblement National en Jean-Luc Mélenchon van (de linkse) La France Insoumise riepen beiden op tot nieuwe verkiezingen. Marine Le Pen ging nog verder en suggereerde dat ook Macron zou moeten aftreden.
De politieke onzekerheid in Frankrijk heeft ook economische gevolgen. Kort na het bekend worden van het ontslag daalde de beurs van Parijs aanzienlijk, en de aandelen van grote banken verloren meerdere procenten in waarde. Frankrijk kampt ondertussen met een begrotingstekort boven de vijf procent en een staatsschuld van ruim 110 procent van het bbp.
Met Lecornu’s vertrek moet Macron op zoek naar zijn achtste premier sinds 2022. Het land blijft voorlopig zonder goedgekeurde begroting voor 2026 en zonder zicht op een stabiele meerderheid. De crisis toont opnieuw hoe diep de politieke verlamming in Frankrijk is doorgedrongen, en hoe smal de speelruimte van de president nog is.

