De extreemrechtse anti-immigrantenpartij PVV van Geert Wilders verliest vooralsnog elf Kamerzetels en staat nu op 26 (van de 150), en de pro-Europese D66-liberalen wonnen 17 zetels en staan voorlopig ook op 26. Het verschil tussen hen is amper tweeduizend stemmen terwijl de uitslagen van de hoofdstad Amsterdam en de post-stemmen van meer dan honderdduizend Nederlanders in het buitenland nog geteld moeten worden.
Volgens parlementair gebruik mag de grootste fractie in het 15 fracties tellende parlement de koersbepalende onderhandelingen over de vorming van een nieuwe coalitie op gang brengen. PVV-leider Wilders, wiens vorige rechtsextreme vier-partijencoalitie dit najaar ten val kwam, zegt dat hij wil afwachten wat de finale stembusuitslag zal zijn.
Wel is al duidelijk dat linkse oppositiepartijen stemmen hebben verloren. Oud-EU-commissaris Frans Timmermans, die de afgelopen twee jaar een fusiepartij leidde van de PvdA-sociaaldemocraten met de Groenen, slaagde er net als in 2023 niet in de grootste partij te worden, verloor vijf van de 25 Kamerzetels, en kondigde onmiddellijk zijn aftreden als partijleider aan.
Hoewel daarmee de aanvang van coalitieonderhandelingen onzeker is, staat de uiteindelijke uitkomst (mogelijk pas over enkele maanden) al bij voorbaat vast. Vrijwel alle politieke partijen hebben in de verkiezingscampagne uitgesproken dat ze hoe dan ook geen coalitie zullen aangaan met de anti-islampartij van Wilders.
Nadat hij ruim tien jaar geleden al eens een coalitie (met CDA en VVD) voortijdig had verbroken, en recentelijk zijn eigen ‘meest rechtse kabinet ooit’ had opgeblazen, wil ditmaal vrijwel niemand opnieuw met hem samenwerken.
Ook al zal de PVV - desnoods na een eventuele hertelling van alle stemmen - als grootste uit de stembus komen, dan staat al vast dat Wilders’ formatie zal mislukken en dat daarna alsnog D66-partijleider Rob Jetten een kabinet kan gaan formeren.
In dat geval kan D66 ‘over rechts’ met CDA (christendemocraten), VVD (conservatieven), JA21 (rechtse afsplitsing van teleurgestelde PVV-stemmers) en BBB (boerenpartij) een centrumrechtse vijfpartijencoalitie vormen (met 79 van de 150 Kamerzetels), of ‘over links’ met CDA en VVD een vierpartijencoalitie met GroenLinks/PvdA (86 van de 150).
De conservatieve liberalen van de VVD lijken daarbij een spilfunctie te kunnen krijgen: partijleider Dilan Yesilgöz houdt tot nu toe vol dat zij niet in een coalitie wil met - wat zij noemt - de linkse radicalen van GroenLinks/PvdA.
Van het CDA is bekend dat zij voor regeringsdeelname altijd een voorkeur hebben voor ‘regeren over rechts’, maar nieuwkomend partijleider Henri Bontenbal heeft Yesilgoz opgeroepen ‘geen blokkades op te werpen’.
Ook 34-jarige D66-leider - en beoogd premier - Jetten heeft in de campagne een voorkeur uitgesproken voor ‘een coalitie vanuit het midden’. Bovendien heeft hij zich met verve uitgesproken tegen samenwerking met anti-EU en anti-Klimaatpartijen. Met de behaalde 26 zetels zijn de D66-libraaldemocraten nog nooit zo groot geweest als ditmaal, en spreken zij van een historisch stembusresultaat.

