De Verenigde Staten hebben een deel van een Amerikaans investeringsverdrag met Myanmar opgeschort na de militaire staatsgreep van twee maanden geleden. In het voormalige Birma zijn de democratisch gekozen leider, Aung San Suu Kyi, en andere politici van haar Nationale Liga voor Democratie gearresteerd.
De actie van de Verenigde Staten komt na jaren van toenemende handel in landbouwproducten met Myanmar, maar die vooruitgang wordt nu bedreigd. De militaire staatsgreep van 1 februari leidde tot een beweging voor burgerlijke ongehoorzaamheid en veel protesten die leidden tot gewelddadige militaire reacties.
Ook wordt er door Myanmarezen veel gestaakt bij bedrijven die eigendom zijn van (de familie van) militaire leiders. De economie in het land is al tientallen jaren grotendeels in handen van de generaals. De nieuwe Amerikaanse handelsgezant Katherine Tai zei dat de VS hun deelname aan de handels- en investeringskaderovereenkomst met Birma uit 2013 stopzet.
De Verenigde Staten leggen sancties op aan twee grote conglomeraten van het Myanmarese leger. Het gaat om twee holdings, MEHL en MEC, waar tientallen bedrijven onder vallen. Zij kunnen geen handel meer drijven met Amerikanen en hun Amerikaanse bankrekeningen worden bevroren. Het Verenigd Koninkrijk legt vergelijkbare sancties op; de Europese Unie heeft daar nog geen besluit over genomen.
Volgens de USDA is de export van Amerikaanse landbouwproducten naar Myanmar de afgelopen negen jaar 80 keer zo groot geworden, tot ongeveer $ 167 miljoen aan sojameel, sojabonen, distilleerkorrels, tarwe en andere grondstoffen. Sojameel is nu het grootste product dat door de VS aan Yangon wordt verkocht – de export werd in 2020 geschat op 92,3 miljoen dollar; in 2011 was er nog helemaal geen handel.

