De Europese Commissie wilde veel stoffen in bestrijdingsmiddelen voortaan zonder vaste einddatum toelaten. Nu moeten zulke stoffen na enkele jaren opnieuw worden beoordeeld. Alleen wanneer straks nieuwe wetenschappelijke informatie daartoe aanleiding gaf, zou volgens het Commissievoorstel nog een tussentijdse beoordeling nodig zijn.
Na 15 jaar
De EU-landen vinden die verandering te ver gaan. Zij willen voor de meeste stoffen een eerste toelating van maximaal vijftien jaar. Stoffen en producten die als laag risico gelden, kunnen wel voor onbepaalde tijd worden toegelaten.
Daarmee worden de regels nog steeds versoepeld. De veranderingen moeten procedures eenvoudiger en sneller maken, de werklast bij overheidsinstanties verminderen en boeren en bedrijven meer zekerheid bieden.
Promotion
Waarschuwing
Tegen die aanpak bestaat verzet. Meer dan vijfhonderd wetenschappers en artsen hebben gewaarschuwd tegen onderdelen van de hervorming. Zij vrezen dat risico’s voor mens en milieu soms pas duidelijk worden wanneer een bestrijdingsmiddel al langere tijd wordt gebruikt. Ook bij langere toelatingen moet daarom herbeoordeling mogelijk blijven.
Tegelijkertijd willen de EU-landen juist strengere regels voor sommige bestrijdingsmiddelen die buiten Europa worden gebruikt. Het gaat om gevaarlijke stoffen die binnen de EU niet zijn toegestaan, maar waarvan resten kunnen achterblijven in geïmporteerd voedsel en diervoeder.
Minder restanten
Voor restanten van verboden middelen moet de toegestane hoeveelheid resten in importproducten vrijwel naar nul. Dat betekent niet dat voedsel dat buiten de EU met zo’n bestrijdingsmiddel is behandeld automatisch wordt verboden. Bepalend is hoeveel van de stof uiteindelijk nog in het ingevoerde product wordt aangetroffen.
Die aanpak kan gevolgen hebben voor landbouwproducenten van buiten de EU. Exportlanden moeten ervoor zorgen dat producten die voor de Europese markt bestemd zijn aan de veel strengere grenswaarden voldoen. De nieuwe regels staan nog niet definitief vast. Het Europees Parlement moet zijn positie nog bepalen, waarna onderhandelingen met de EU-landen volgen.

