De Nederlandse Europarlementariër Peter van Dalen (ChristenUnie) zegt dat de problematiek over gerapporteerde Chinese roof van organen onderbelicht blijft in Europese Unie. De EU moet de Chinese orgaanroof ten strengste veroordelen en aan de kaak stellen.
Van Dalen (ChristenUnie) zei woensdag op een conferentie van het nieuwsportal EU Today over dit onderwerp: “Ik werk er hard aan om deze kwestie weer op de agenda van het Europees Parlement te krijgen, te beginnen met het heropenen van dit debat in de mensenrechtencommissie”.
Net voor de zomer zei een groep mensenrechtenactivisten gealarmeerd te zijn over vermoede orgaanroof bij Chinese gevangen. Van Dalen zei toen dat “deze berichten over orgaanroof een uiterst onverkwikkelijke zaak zijn en weer een grove schending van mensenrechten in China. We moeten dus beslist nagaan, of deze alarmerende rapporten juist zijn en zo ja, welke stappen de EU dan moet nemen”.
Tijdens de conferentie stelde Van Dalen dat het probleem met orgaanroof tweeledig is: “Eerst en vooral is de gedwongen en vaak dodelijke verwijdering van organen een flagrante aanval op de mensenrechten, ongeacht wie het slachtoffer is.
Daarnaast zijn de slachtoffers van deze afschuwelijke praktijk vaak gevangenen die al zwaar mishandeld worden, gezien het feit dat ze gevangen zitten op grond van godsdienst of politieke overtuiging.”
Het Chinese Rode Kruis heeft niets te maken met het echte Rode Kruis, de internationale organisatie, zo wordt gezegd. In China is het een interne organisatie van de communistische partij, dus zij werken aan alles mee wat de Chinese overheid hen opdraagt.
Van Dalen vindt dat in zowel de diplomatieke betrekkingen als handel met China, de mensenrechten centraal moeten staan. Verder zou de EU – met name de EU-landen zelf – burgers bewust moeten maken van deze kwestie en dan vooral de medische of zakelijke professionals die met deze problematiek te maken krijgen.
“Vooral Europese medische professionals moeten bekend zijn met deze risico’s wanneer ze samenwerken met Chinese collega’s”, zo zei Van Dalen in een reactie.

